Niets is zo vervelend voor je hond (en voor jezelf) als ongedierte. Vlooien veroorzaken hevige jeuk en teken kunnen nare ziektes overdragen.
Gelukkig kun je veel leed voorkomen met de juiste aanpak. In dit artikel lees je hoe je vlooien en teken herkent, bestrijdt én voorkomt.

1. Hoe herken je vlooien en teken?

Vlooien

Het tijdig signaleren van parasieten is het halve werk. Let bij je hond op de volgende signalen:

Vlooien herkennen

  • Gedrag: Je hond krabt, bijt of likt plotseling veel aan de huid (vaak op de rug en bij de staartbasis).
  • Vlooienpoepjes: Kam de vacht met een vlooienkam. Zie je zwarte korreltjes? Leg ze op een natte tissue. Kleuren ze roestbruin of rood? Dan zijn het vlooienpoepjes.
  • De vlooien zelf: Dit zijn kleine, snelle, roodbruine insecten van 1 tot 3 millimeter groot.

Teken herkennen

  • Het uiterlijk: Een teek lijkt op een klein spinnetje dat zich vastbijt in de huid. Naarmate hij meer bloed zuigt, zwelt hij op tot een grijs of bruin ‘erwtje’.

    Teek

  • Voorkeursplekken: Controleer je hond na elke wandeling, vooral rond de kop, oren, nek, oksels en tussen de tenen.

2. Wat moet je direct doen bij een besmetting?

Heb je vlooien of teken ontdekt? Kom dan direct in actie.

Een teek verwijderen

  1. Gebruik een speciale tekenpen of tekenpincet.
  2. Grijp de teek zo dicht mogelijk op de huid van de hond vast.
  3. Trek de teek in een rechte, vloeiende beweging omhoog. Draai niet en gebruik vooraf geen alcohol of zeep, omdat de teek dan juist speeksel (met mogelijke ziektekiemen) kan uitspugen.
  4. Desinfecteer het wondje pas nadat de teek is verwijderd.

Vlooien bestrijden (De 5%-regel)
Wist je dat slechts 5% van de vlooien op je hond leeft? De overige 95% bestaat uit eitjes, larven en poppen in jouw huis. Bestrijd ze zo:

  • Behandel de hond: Geef direct een vlooienmiddel (tablet of pipet) om de levende vlooien te doden.
  • Was textiel: Was alle hondenkussens, kleden en je eigen beddengoed op minimaal 60 °C.
  • Stofzuig grondig: Zuig dagelijks het hele huis, inclusief kieren en plinten. Gooi de stofzuigerzak direct daarna buiten weg.
  • Gebruik omgevingsspray: Behandel de favoriete ligplekken van de hond met een speciale spray tegen vlooienlarven.
  • Waar vlooien zijn, hoeven niet altijd wormen te zijn, maar het risico bestaat.
    – Controleer  de ontlasting van je hond op lintwormen.
    – Als je hond door de vlooien ook wormen heeft gekregen, zie je dit vaak aan:

      • “Rijstkorrels”: Kleine, witte, bewegende stukjes worm rond de anus van de hond of in de ontlasting.
      • Sleetje rijden: De hond schuurt met zijn achterwerk over de grond vanwege de jeuk rond de anus.

3. Voorkomen is beter dan genezen:

Met een preventieve behandeling zorg je ervoor dat vlooien en teken geen kans krijgen. Er zijn verschillende toedieningsvormen:
  • Kauwtabletten: Zeer effectief en ideaal voor honden die veel zwemmen of vaak gewassen worden, omdat de werking niet afspoelt.
  • Spot-on pipetten: Vloeistof die je in de nek op de huid druppelt. Dit verspreidt zich over de natuurlijke vetlaag van de hond.
  • Halsbanden: Geven gedurende een lange periode (vaak tot wel 8 maanden) continu een lage dosering werkzame stof af.
  • Jaarinjectie: Vraag je dierenarts naar de relatief nieuwe injectie die je hond met één prik een heel jaar lang beschermt tegen vlooien en teken.

Conclusie

Vlooien en teken horen er helaas bij, maar met een goede routine blijft je hond vrolijk en parasietvrij. Controleer je hond regelmatig en kies een preventieve methode die past bij jouw levensstijl.
Twijfel je over het juiste product of de dosering? Vraag dan altijd advies aan je dierenarts.